DigLin+: feedback en het bevorderen van autonomie

Share

Ineke van de Craats en ik horen regelmatig dat het soms voor docenten lastig is om te werken met DigLin+ en de ideeën achter het materiaal. In deze blog wat ervaringen en ideeën hoe het verbeteren van het leren van cursisten met DigLin+ er uit zou kunnen zien.

Schematisch kan werken met DigLin+ er zo uit zien:

De H-Cyclus

De docent verwacht iets van cursisten. Dat is niet wat cursisten moeten doen maar wat ze moeten kunnen. De docent probeert dat te formuleren en daarbij ook aan te geven wanneer hij/zij tevreden is. Dan worden cursisten los gelaten en kunnen gaan proberen met “bronnen” (in dit geval de bronnen in DigLin+) dat doel te bereiken.

Voor ons is het erg interessant om te zien wat cursisten doen in het deel wat hier het proces heet. Cursisten weten wat er van ze verwacht wordt en ze gaan zelf met bronnen aan de slag om dat te bereiken. De docent heeft hier de verantwoordelijkheid overgedragen aan cursisten. Voor docenten is dit een lastige fase. Het is moeilijk om er van af te blijven en cursisten hun eigen fouten te laten maken en er niet meteen bovenop te zitten en te helpen. Het is ook niet de bedoeling dat docenten in deze fase op de handen gaan zitten. Deze fase geeft de mogelijkheid te observeren en kan zorgen voor informatie waardoor we het leren van cursisten aanmerkelijk kunnen verbeteren. We kunnen het leren zelf van cursisten zo verbeteren.

Afgelopen week was ik in een alfabetiseringsgroep en een van de cursisten was bezig in lijst 4. Hij was bezig met “sleep de letters” en dit was zo ongeveer wat ik op zijn scherm zag.

Het was wellicht heel prettig voor deze cursist maar het was wel duidelijk dat dit te eenvoudig voor hem was. Hij sleepte foutloos elke letter naar het juiste vakje. Hij gebruikte de geluidsbestanden van de klanken onder de  vakjes.  Ik ben geen voorstander van te snel helpen in het proces als het moeilijk is voor cursisten maar in dit geval was het duidelijk te makkelijk (als je geen fouten maakt is het te makkelijk). Ik zou hem hier nog het advies hebben kunnen geven om alleen de geluidsbestanden van het hele woord te gebruiken. Dat zou de oefening aanmerkelijk moeilijker maken. Ik probeerde de cursist duidelijk te maken dat dit te makkelijk was en vroeg hem om van dezelfde lijst luister en typ te proberen. Toen hij klaar was (uiteindelijk waren alle woorden goed geschreven) liet ik hem zien hoe je feedback op detail krijgt. Daar was zo ongeveer dit te zien.

Er zat een interessante fout in. Bij jurk had hij eerst jrk geprobeerd. Door de feedback had hij die fout er zo uitgehaald. Hij “hoort” wellicht niet automatisch de “u” van jurk. De “j” wordt wellicht opgevat als “ju”. Ook precies zoals we de j zouden verklanken als docent.

De cursist wees ook meteen op de “d” en “t” aan het eind van een woord. “Moeilijk” zei hij. Hij kon dit misschien nog niet direct verwoorden maar hij wist wel degelijk dat dat nog een probleem was.

In de ideeën achter DigLin+ zit sterk het selecteren op wat nog niet goed gaat en wat wel. En vooral op het oefenen op wat niet goed gaat. Door dat zichtbaar te maken in de evaluatieformulieren wordt dat zichtbaar maar kan dat ook worden “vastgehouden”. Dat maakt de “brei” van wat er geleerd kan worden veel inzichtelijker en dus effectiever. Deze cursist zou (met behulp van een docent) het evaluatieformulier kunnen invullen.

Ik bedacht me ook dat het handig zou zijn als een cursist zelf die woorden zou kunnen verzamelen. En heb daar dus ook maar even een formulier voor gemaakt.

(deze staat bij Extra)

We hopen hiermee dat er bij cursisten denken en handelen ontstaat over hun eigen leren. Dat ze leren om als het te makkelijk is door te gaan naar een moeilijkere oefening. En dat ze leren dat te herkennen en selecteren wat nog moeilijk is. Zo krijgen ze ook zicht op waar al geleerd is en hoe verder geleerd kan worden.

(Visited 150 times, 1 visits today)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*